vrijdag 29 maart 2013

South Georgia



27/03 – Problemen met de kalibratie van de Hydrosweep vannacht zorgden ervoor dat we achter geraken op schema. We zullen South Georgia pas bereiken in de vooravond. Het weer is gelukkig ondertussen wat opgeklaard, wat tellen heel wat eenvoudiger maar ook een stuk drukker maakt. Een grote groep Pelsrobben foerageert samen met een redelijk aantal Wenkbrauwalbatrossen, White-chinned petrels, wat prions en een enkele pinguins. Niet veel later lijkt het zeeoppervlak bedekt met prions. Wel vijfhonderd Antarctische en Fairy prions vliegen kriskras door elkaar. Regelmatig duiken pinguins op vlak bij de boot. De Ezelspinguins lijken zich niet zo te storen aan dat grote lawaaierige vaartuig en blijven rustig dobberen terwijl we langsvaren. Macaronipinguins schieten pijlsnel alle kanten op als het schip nadert.
South Georgia in zicht (PolE)
Naarmate we South Georgia naderen neemt de wind opnieuw toe en zien we de eerste Light-mantled sooty albatrossen verschijnen. Een van de mooiste albatrossen die we deze trip al te zien kregen. Een Zuidpoolkip cirkelt enkele keren rond de boot en dan is het eindelijk zo ver. In de late namiddag bereiken we het eiland waar Shackletons odyssee met de James Caird tot een eind kwam: South Georgia. De ondiepe kustwateren kleuren turquoise blauw in de zon en steken af tegen de ruige, met gletsjers bedekte bergflanken. Het stenige oppervlak wordt slechts her en der bedekt met wat groen. Tegen de schemering varen we varen East Cumberland Bay binnen waar het King Edward Point gelegen is, het administratieve centrum van de lokale overheid en de enige bewoonde nederzetting op het eiland. Het is tevens ook de plaats waar Shackleton begraven ligt. Een heilig oord voor elke zuidpoolreiziger.
De schemering valt over East Cumberland Bay (PolE)
Vlammen geprojecteerd op een ijsberg (PolE)
De boot wordt in de baai stilgelegd om enkele boringen uit te voeren in de zeebodem. Ondertussen valt de duisternis en rijst de volle maan boven de bergen uit. De besneeuwde bergtoppen lichten op in het maanlicht. Marcos, onze artiest aan boord die ook de voorstelling over Shackleton regelde, maakt van de gelegenheid gebruik om enkele opvallende beelden te projecteren op een ijsschots die naast de boot ligt. Het heeft iets bijzonders. Terwijl we van het spektakel genieten, omgeven door een betoverende landschap, laat Henri ons weten dat een Wilsons stormvogeltje op het schip is beland en verstrikt geraakte in wat materiaal. Het wordt snel bevrijd en kan zorgeloos zijn weg weer verder zetten. De Koereiger blijkt ondertussen in een metalen doos op het werkdek te zijn beland. We voorzien hem van wat eten en zoet water en hopen dat hij zo opnieuw een beetje kan aansterken. Het schip vertrekt opnieuw de nacht in voor enkele boring langs de kust.

Uitzicht op Grytviken
28/03 – Na een woelige nacht op zee liggen we opnieuw stil in East Cumberland Bay. De baai is zo mogelijk nog mooier, de bergen en gletsjers indrukwekkender en het water blauwer dan blauw nu ze knap belicht wordt door de zon. De stranden liggen bedekt met Pelsrobben en Elephant seals en enkele Koningspinguins staan voor een van de huizen statig te wezen. Het witte kruis dat werd neergezet ter nagedachtenis van Shackleton rijst plechtig boven de nederzetting uit, zijn graf is gelegen op het kerkhof naast het oude walisvaardersstation van Grytviken. 

Na het bezoek van de lokale autoriteiten varen we naar West Cumberland Bay om enkele wetenschappers af te zetten. Zij zullen hier stalen verzamelen om de oudheid van het gesteente te bepalen. Ze verblijven in een schamele hut op het strand omgeven door Pelsrobben en Elephant seals tot wij terugkeren uit het zuiden en de South Sandwich Islands om hen dan weer op te pikken. Nog een test om te zien of alle reddingsboten nog functioneel zijn en we kunnen weer op weg naar het volgende station waar opnieuw een aantal boringen zullen worden uitgevoerd.

East Cumberland Bay (PolE)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten