vrijdag 29 maart 2013

En weg zijn wij...



De Polarstern wacht op vertrek in Cabo Negro (PolE)
21/03 – Om 11u is het verzamelen geblazen en gaat het richting Polarstern, het onderzoeksschip van het Duitste Alfred Wegener Instituut. We pakken onze spullen en begeven ons naar Cabo negro waar de boot aangemeerd ligt om bij te tanken. We checken in, droppen onze bagage af en gaan dan gauw nog enkele laatste uurtjes genieten van de Chileense natuur. Een bezoekje aan de lokale kolonie van Maghellaenpinguins blijkt tevergeefs aangezien de broedtijd al even gepasseerd is en de kolonie nagenoeg verlaten. Mijn smeekbede om een Cinereous harrier, een soort kiekendief, wordt gehoord. Eén exemplaar trotseert de stevige wind waar Patagonië bekend om staat. We nemen afscheid van al dat moois en begeven ons opnieuw richting schip dat de komende drie weken ons thuis zal zijn. Bij aankomst krijgen we te horen dat de Polarstern waarschijnlijk vanavond niet meer zal uitvaren omdat er nog redelijk wat bagage vermist raakte tussen San Paulo en Punta Arenas. Ook enkele leden van de crew ontbreken nog. Sneu voor de wetenschappers die hun spullen missen, maar een goeie zaak voor ons team. Dat betekent immers dat we morgen tijdens de dag de Straat van Maghellaen zullen uitvaren in plaats van ‘s nachts, wat ons weer wat extra kans geeft om enkele vogels en dolfijnen te zien die enkel hier voorkomen.

Zuidelijk reuzenstormvogel (PolE)
22/03 – Om 7u30 wordt het ontbijt geserveerd. Een uitgebreid buffet met eieren, pannenkoeken, cornflakes en muesli allerhanden,… Dat belooft weer voor onze lijn ;-) De voorbije nacht zijn er al enkele vermiste stukken bagage terecht gekomen, maar toch zal er nog gewacht worden op de vlucht van 13u om de laatste stukken proberen te recupereren. Om 15u is het dan eindelijk zo ver. De Polarstern is klaar voor vertrek. Ons vijfkoppig Polar Ecology-team (PolE), dat bestaat uit René-Marie, Roseline, Henri, Gerald en mezelf, zal instaan voor de tellingen van zeevogels en zeezoogdieren langs het transect dat de boot zal afleggen in de komende weken.  We begeven ons naar de brug om alvast wat voeling te krijgen met de soorten.  Al gauw zien we onze eerste Zuidelijke reuzestormvogel vliegen. Niet veel later volgen ook Magellanic diving petrel en Chileense jager. Wanneer we om 10u op het helikopterdek staan voor de veiligheidsbriefing, zie ik heel kort een eerste Commersonsdolfijn, een kleine zwartwit getekende dolfijn. Even later blijkt dat René-Marie, Gerald en Roseline er eveneens twee hadden die even meezwommen op de golven van het schip. Mooi! 
Wenkbrauwalbatros (PolE)
Keizeraalscholvers en Rotsaalscholvers vliegen af en aan naar een klein eiland in het midden van de Straat. Ook een hele hoop Pelsrobben heeft hier een rustplaats gevonden. Plots een grotere vogel in de verte: onze eerste albatros! Een Wenkbrauwalbatros laat zich van dichtbij bewonderen. Wat een schitterende vogel! Om 20u30 valt de schemering in en wordt de telling stopgezet.



23/03 – Onze eerste dag op volle zee. Het is weer even wennen. Onze benen bevinden zich nog in landfase en zijn duidelijk de bewegingen van het schip nog niet gewoon. Het is wat heen- en weer waggelen geblazen vooraleer we de nodige stabiliteit vinden. Al gauw komen de eerste reuzen van de luchtruim ons tegemoet. Met een spanwijdte tot 3,50 m is de Reuzenalbatros samen met de Koningsalbatros de grootste vliegende vogel ter wereld. Doorheen de dag zien we ongeveer een twintigtal van elk passeren. Ze glijden over het zeeoppervlak alsof het geen enkele moeite kost. Wat later volgen twee zwemmende Grijskopalbatrossen, één van de ‘kleinere’ albatrossen. Ook de eerste stormvogeltjes laten zich bewonderen: Wilsons en Grey-backed storm petrel. Met hun dunne zwemvliezen lopen ze over het wateroppervlak op zoek naar eten. Het lijkt onwaarschijnlijk dat zo een klein teer vogeltje kan overleven ten midden van een woelige  oceaan.  Plots stijgt de spanning op de brug wanneer er in de verte geregeld water opspat: zeezoogdieren! En ja hoor, even later zien we een vin bovenkomen. We zijn er al snel uit dat het geen van de kleinere dolfijnen is. Maar wat is het dan wel? Nog enkele keren komt de vin boven, geen blow te zien. Mogelijk een jonge gramper? Niemand durft er met zekerheid een naam opplakken. Helaas. Tegen 20u is het donker en sluiten we de dag af met een overzicht van de geziene soorten en aantallen:

Teamvergadering (PolE)

20 Reuzenalbatrossen, 20 Koningsalbatrossen, 2 Grijskopalbatrossen, 1 Southern fulmar, 30 Cape petrels, 22 Grote pijlstormvogels, 20 Grey-backed storm petrels, 20 Common diving petrels, 50 Fur seals en heel wat Zuidelijke reuzenstormvogels, Wenkbrauwalbatrossen, White-chinned petrels, Grauwe pijlstormvogels en Wilsons stormvogeltjes vervolledigen onze lijst. Nog een bezoekje aan Zillertal, de bar aan boord om wat kennis te maken met de andere wetenschappers en dan ons bed in.
 





 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten